Content | Menu | Taal/Language | Banners

U maakt gebruik van een browser die de gebruikte web-standaarden niet of onvolledig ondersteunt.
Hierdoor kunnen afwijkingen in de lay-out ontstaan.

Afhankelijk van uw platform is deze site het beste te bekijken met een recente versie van Microsoft Internet Explorer (5 of hoger), Netscape (6 of hoger), Mozilla (1 of hoger) en Opera (6 of hoger).

 RSS

14 Januari 2005

<typohead type="3">Studentenworkshop 2005</typohead>

Twee onderwerpen die de laatste tijd veel aandacht krijgen in het Hoger Onderwijs zijn ICT en vraaggestuurd/competentiegericht onderwijs. Men spreekt ook wel van Het Nieuwe Onderwijs. Bij diverse instellingen is men bezig, of van plan, omonderwijsprogramma’s te maken waarbinnen deze twee onderwerpen expliciet aandacht krijgen. Ondanks deze initiatieven zijn we er binnen E-merge van overtuigd dat het in deze onderwijsprogramma’s nog niet gelukt is om optimaal gebruik maken van de mogelijkheden van ICT en vraaggestuurd/competentiegericht onderwijs.

Binnen het E-mergeconsortium is daarom afgesproken om te onderzoeken of het mogelijk is een 'Ontwikkelprogramma' op te zetten waarbinnen gewerkt wordt aan projecten waarin juist de nieuwe mogelijkheden van ICT in vraaggestuurd onderwijs centraal zullen staan.

Tot nu toe zijn de E-mergeprojecten vooral door managers, onderwijskundigen, ICT-technici en docenten geformuleerd. De inbreng van studenten was hierbij vooral indirect. Het is onze overtuiging dat juist bij het uitwerken van een programma als vraaggestuurd onderwijs en ICT de inbreng van studenten essentieel is. De ervaring is dat studenten op een aantal punten anders tegen deze onderwerpen aankijken.

Reden genoeg om op op 14 januari 2005 een workshop te houden in Eindhoven. De uitkomsten daarvan moesen een bijdrage leveren aan de opzet van en het denken over het Ontwikkelprogramma. Achttien studenten waren aanwezig bij de workshop.

Conclusies na de workshop

  • Studenten blijken enthousiast, maar kritisch, tegenover multimediaal, blended onderwijs te staan. Hierbij moet plaats zijn voor ruime mogelijkheden met ‘nieuwe’ en traditionele sociale contacten, waarbij een student geheel vrij is te kiezen wanneer en hoe hij tijd aan zijn studie besteedt. Een aantal randvoorwaarden is daarbij van belang:
    • De student kan kiezen uit een ruime voorraad cursussen. Die komen uit zowel het WO, het Hbo, als het bedrijfsleven en hebben een multimediaal karakter.
    • Er zijn per onderwerp of competenties verschillende ontwerpen beschikbaar.
    • Er zijn begintesten i.v.m. toelating.
    • Bij erg populaire cursussen wordt er indien nodig geloot.
    • Bij een cursus zijn er ook FAQ's, een persoonlijke vraagbaak en andere mogelijkheden ter ondersteuning tijdens de studie.
  • Studenten maken geen onderscheid tussen online en onsite onderwijs: een groot deel van het onderwijs kan worden aangeboden via internet, een ander deel zowel via internet als via persoonlijke contacten. Verder blijft ook gewoon contactonderwijs mogelijk.
  • Sociale contacten zijn essentieel: zowel persoonlijke, als SMS, MSN, e-mail, online discussiefora, enzovoorts.
  • Studenten willen metacompetenties leren. Vooral in het begin van een HBO- en WO-studie willen ze getraind worden in het efficiënt verwerken van informatie, het ontwikkelen van competenties en het leren leren.
  • Studenten willen hun eigen onderwijskoers kunnen kiezen en bepalen tijdens hun opleiding, waarmee ze op het einde van de opleiding over een diploma met betekenis beschikken. Studenten zien diploma’s als een profielschets in een life-long- learningtraject.

Het verslag van deze workshop is hier te vinden.

Banners